Categorie archief: Duurzaamheid

Bram breekt in: Stroomversnelling

Overal in het land zijn corporaties bezig om een deel van hun bestaande woningbestand klimaatneutraal te maken. Dat wordt ook wel ‘nul op de meter’ genoemd. De woning wordt geïsoleerd en wekt zelf door middel van zonnepanelen voldoende energie op voor de bewoners. Er komen dus geen energieleveranciers van buiten aan te pas.

Zes corporaties en vier aannemers zijn onder de noemer Stroomversnelling bezig met een aantal pilotprojecten door het hele land.

De eerste conclusies en woonervaringen zijn binnen. Lefier, die in Paddepoel een aantal portieketageflats klimaatneutraal maakt, is voorzichtig positief. ‘Op zichzelf werkt de woning goed. Wat we wel zien in het proces is het belang van goede communicatie. Je moet bewoners goed uitleggen hoe alles werkt, en aandacht besteden aan het kostenplaatje voor de bewoner. Want energiebesparing doen we niet alleen voor het milieu, maar ook voor de portemonnee van de huurders. Er wordt veel gekeken vanuit de techniek en de innovatie. We willen natuurlijk meters maken, maar vanuit de corporatie moeten we af en toe op de rem trappen. Je moet ook aandacht besteden aan de ‘woon-kant’ van het verhaal. Uitleggen waarom iets goed is. Techniek en bewoner bij elkaar brengen.’

Tijmen Hordijk van Lefier zegt dat er goed gekeken moet worden naar de plekken waar je deze isolatie operatie wel en niet toepast. Het wordt volgens hem geen formule die je overal zomaar even kunt uitrollen. Toch is dit een waardevol experiment. ‘Het hoort bij onze taak als corporatie om op zoek te gaan naar nieuwe manieren van wonen die meer rekening houden met het klimaat én met het beperken van de woonlasten.’

 

Column: IJsbeertjes

Per 1 juli treedt de nieuwe woningwet in werking. Corporaties moeten zich richten op hun kerntaak: betaalbare huurwoningen voor mensen met lagere inkomens. Ook is geregeld dat het Rijk, de gemeente én de huurders meer invloed krijgen op wat corporaties doen. Dat is prima! Maar wat als deze ‘belanghouders’ het onderling niet eens zijn? Dat lijkt zich vooral op het punt van verduurzaming af te tekenen. Gemeente, Rijk en anderen formuleren allerlei milieudoelstellingen: ik geloof dat Nijestee valt onder acht verschillende deals, akkoorden, voornemens en convenanten die gaan over het terugdringen van energieverbruik, CO2-uitstoot en dergelijke (terwijl we er zelf maar één onderschreven hebben). Ook de gemeente Groningen wil energieneutraal worden, wil geothermie, wil windmolens en zonnepanelen en nul-op-de-meter woningen…. Maar onze huurders lopen er niet erg warm voor (er zijn uitzonderingen). U vindt het teveel gedoe, teveel risico, te lang duren voor u het terugverdient, of u vindt ‘de ijsbeertjes’ domweg uw belangrijkste probleem niet. Hoe gaat Nijestee de gemeente én de huurders tevreden stellen? Graag uw hulp.

Door: Pieter Bregman
Algemeen directeur/bestuurder Nijestee

Column: ‘Het wordt nooit meer zoals het geweest is’

Iets meer dan 40 jaar geleden sprak Joop den Uyl – tijdens de oliecrisis – de legendarische woorden ‘Het wordt nooit meer zoals het geweest is!’ En 35 jaar geleden sloot de gemeente Groningen nog zwembaden vanwege DE energiebesparing. Twee mooie voorbeelden van de urgentie die gevoeld werd op het onderwerp energie.

Tegenwoordig hoor ik vaak zeggen: ‘We moeten energiebesparing sexy maken!’
Ik moet daar altijd erg om lachen, want we kunnen niet van alles een Apple maken. En tegelijkertijd vind ik het treurig. Blijkbaar lukt het ons niet meer om het onderwerp belangrijk te maken. Of beter: belangrijk te vinden.

Ik zit vol met ideeën om energiebesparing met aansprekende projecten, mensen en communicatie beter te kunnen vermarkten in de stad. Maar: ik mis ideeën waarmee we het onderwerp weer echt op de kaart zetten. Wie wel? Laat het me weten! Hier hebben we geen kernramp of aardbevingen voor nodig, toch?

Door: Marco van Dalfsen (KUUB)

Column: Investeer in het verduurzamen van woningen

De drie belangrijkste criteria bij het zoeken van een woning zijn locatie, locatie en locatie. Iedereen kent ze natuurlijk. Maar het gaat bij ‘wonen’ niet alleen over de juiste woning op de juiste plek. De Woonvisie Groningen zegt het al: het gaat ook over de kwaliteit van de woonomgeving. Over de hoogte van de energierekening. Over behaaglijk wonen zonder je blauw te hoeven betalen voor de energie. We kunnen dus drie criteria aan het rijtje toevoegen: comfort, comfort  en comfort. En dan heb ik het over comfort dat ook op de lange termijn vol te houden is.

Want bij het (nieuw) bouwen of renoveren van woningen is het van groot belang dat we dit ook duurzaam doen. De bebouwde omgeving is immers debet aan een kwart van het energieverbruik in Nederland en 10% van de CO2-uitstoot. De positieve effecten van het reduceren van verbruik of – mooier nog – zelf energie opwekken, zijn evident. En niemand kan er tegen zijn, want je kunt er in één moeite het wooncomfort mee verhogen en de maandelijkse energiekosten mee terugdringen. Het is al lang niet meer zo dat we daar – back-to-the-basics – heel sober voor hoeven te leven. De technologische ontwikkelingen in de bouw maken het nu al mogelijk nul-op-de-meterwoningen (NOM) te maken. Hierdoor is voor een eengezinswoning een maandelijkse besparing van 175 euro op de energierekening te realiseren. Huiseigenaren kunnen ook hun huidige woning tot NOM laten renoveren; vrijwel alleen al van de besparing op energiekosten kan de renovatie worden gefinancierd. Bovendien verwachten wij dat duurzame woningen snel meer (en niet-duurzame woningen minder!) waard zullen worden.

Nieuwbouw wordt conform het Bouwbesluit al op het niveau van energielabel A+++ gebouwd. Een uitstekende ontwikkeling, maar ook en vooral door de bestaande woningvoorraad van voor 1980 te verduurzamen, valt nog een enorm potentieel te verzilveren. De Woonvisie Groningen stelt dat voor het woonbeleid aandacht voor de bestaande stad essentieel is, omdat veruit het overgrote deel van de woningvoorraad die we over 20 jaar zullen hebben er nu al staat. De stad Groningen laat overigens zien dat ze dit onderwerp serieus neemt. Woningcorporaties hebben tussen 2011 en 2013 bijna 5.000 woningen verbeterd. Hierdoor maakten de energielabels van die woningen twee of meer sprongen en beschikt ongeveer 60% van de sociale voorraad nu over label C of beter. Daarnaast is verduurzaming van koopwoningen vanzelfsprekend ook van groot maatschappelijk belang.

Triodos Bank heeft twee jaar geleden de hypotheek voor duurzame woningen geïntroduceerd: hoe beter het energielabel, hoe lager de hypotheekrente. Hiermee krijgen woningeigenaren een sterke financiële prikkel om hun woning te verduurzamen – en bijgevolg om hun energieverbruik en maandelijkse energielasten terug te dringen. Ze ontvangen een maatwerkadvies energiebesparing en een door gecertificeerde energieadviseurs vastgesteld label. Banken hebben met de financieringsmogelijkheden die ze aanbieden een belangrijke sleutel in handen om de woningmarkt daadwerkelijk te verduurzamen, en ik hoop dan ook dat de uiterst effectieve hypotheek voor duurzame woningen brede navolging krijgt.

Maar ook bouwers, ontwikkelaars en gemeenten zouden veel meer kunnen bereiken wanneer ze de handen ineen slaan. Voor energiebesparing in de gebouwde omgeving ontstaat ook steeds verdergaande politieke steun. Zo is in 2013 het Energieakkoord voor Duurzame Groei gesloten, waarin de particuliere woningvoorraad is opgenomen. De overheid heeft in het kader van haar Integrale visie op de woningmarkt dit jaar de ruimte op inkomenstoetsing voor energiebesparende maatregelen verhoogd tot 9.000 euro. Voor een hypotheek voor een nul-op-de-meterwoning mag dit bedrag zelfs worden verhoogd tot 25.000 euro. Hiermee zijn verbeterde condities geschapen voor de particuliere woningmarkt.  Ook gemeenten zouden de verduurzaming van de koopwoningenmarkt verder kunnen stimuleren door bijvoorbeeld de onroerendezaakbelasting te koppelen aan het energielabel.

Door:  Arie Blokland, Triodos bank

Triodos Bank is als ‘pilotbank’ nauw betrokken bij het programma Stroomversnelling voor koopwoningen. Hierbij werken diverse branches samen om nul-op-de-meter (energieneutrale) renovaties ook toegankelijk te maken voor particuliere woningeigenaren. Belangrijk motief voor de bank is dat we af willen van een economie (en dus ook een woningmarkt) die verslaafd is geraakt aan fossiele energie, en toe willen naar een bebouwde omgeving die haar eigen energie weet op te wekken vanuit natuurlijke energiebronnen. In die optiek past het om te kijken naar woonlasten (hypotheek- plus energielasten), en niet louter naar hypotheeklasten. We houden aansluiting bij andere trends op de woningmarkt, zoals collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO’s) en ecobouwprojecten. We zien steeds meer initiatieven waarbij bewoners samen bouwen en gebruik maken van gemeenschappelijke faciliteiten in en om hun woningen. Nieuwe woonvormen en sociale cohesie gaan daarbij hand in hand.

 

Stelling: Investeren in energiezuinige woningen of zorgen voor een lage huur?

De energielasten vormen een steeds groter deel van de totale woonlasten. Vooral mensen met een laag inkomen merken dit. Mede daarom maken corporaties hun woningen energiezuinig. Dat leidt tot hogere huren maar ook tot lagere energielasten. In plaats daarvan zouden we de huren kunnen verlagen. Geen investeringen dus. Wat vindt u belangrijker? Is er een gulden middenweg? 

Inspiratie: Groen wonen

In 1989 werd de Vereniging Ecologisch Wonen Groningen opgericht. Al snel ontstond het idee voor een ecologisch woningbouwproject in de stad. In 1991, tijdens een grote informatiebijeenkomst, bleek dat er honderden mensen geïnteresseerd waren in een milieuvriendelijk gebouwd huis in een wijk met een prettige natuurlijke omgeving.

Na een aantal jaren van trekken en duwen, idealisme en relativering, teleurstellingen en hernieuwd enthousiasme vond de vereniging uiteindelijk een geschikte plek aan de noordelijke rand van Lewenborg, nabij het gehucht Noorddijk. Na een haalbaarheidsonderzoek werd onder leiding van de toenmalige woningstichting Gruno (het huidige Nijestee) een definitief plan gemaakt waarin veel van de ambitieuze plannen een plek kregen. In september 1995 werden de eerste woningen opgeleverd.

Drielanden is opgebouwd uit drie buurten, met elk een eigen karakter: Waterland, Zonland en Mooiland. In Waterland zijn zowel sociale huurwoningen als koopwoningen gerealiseerd – 166 in totaal – waarbij zorgvuldig met energie, grondstoffen, water en groen is omgegaan. Het ontwerp is van de bureau’s AAS Architecten en ARTèS architecten en adviseurs.

Hoewel niet alle plannen gerealiseerd zijn, groeide Waterland uit tot een ecologisch voorbeeldproject. Niet voor niets kreeg het project hiervoor in 1997 een prijs van het ministerie van VROM. De huizen zijn naar de normen van 1995 goed geïsoleerd, voorzien van waterbesparende elementen en voor een groot deel op de zon georiënteerd. De oorspronkelijke structuur van het landschap is zoveel mogelijk bewaard gebleven. Het meest bijzondere aan de wijk is het zgn. helofytenfilter of rietzuiveringsveld. Hierin wordt het afvalwater uit de keuken en douche (grijs afvalwater) van het merendeel van de huizen in Waterland gezuiverd. Waterzuivering op wijkniveau van een dergelijke schaal is uniek in Nederland. Het helofythenfilter brengt met zich mee dat de Waterlanders zorgvuldig moeten omgaan met was- en schoonmaakmiddelen.

Bron: Wonen doe je Zelf
Foto: Stijntje de Olde