Categorie archief: Wonen en zorg

Verslag sessie Wonen en Zorg, Symposium Wonen in Stad

Voor de themasessie ‘Wonen en Zorg’ werden twee sprekers genodigd. De middag werd geleid door Erwin Schiphorst van het ZorgInnovatieForum.

Maria Walters van ‘Lang zult u wonen’, een initiatief voor particuliere woningbezitters, bijt de spits af. Ze vertelt dat mensen steeds langer in hun eigen woning willen blijven wonen. Dit initiatief is opgezet om mensen daarbij te ondersteunen. Het is opgericht in Overijssel, maar het is de bedoeling om het naar de andere provincies uit te breiden.

Bewoners krijgen tips en adviezen om hun woning levensloopbestendig te maken via de website www.langzultuwonen.nl, een rijdende tentoonstelling, markten en vrijwilligers.

Na de toelichting zijn er veel reacties en vragen van de deelnemers:

‘Het kenmerk van levensloopbestendig bouwen is dat alle noodzakelijke functies op de begane grond worden geplaatst. Het zou mooi zijn om de vrijkomende ruimtes op de verdieping te verhuren.’
Verschillende deelnemers zouden graag samenwonen in een meer diverse gemeenschap, waaraan ook jongeren of studenten deelnemen. Zij kunnen dan eventueel ook helpen met hand- en spandiensten.
Ouderen kunnen geen hypotheek meer afsluiten om verbeteringen aan hun woning te kunnen uitvoeren. Banken zijn terughoudend om ouderen hypotheken te verstrekken hoewel er vaak voldoende overwaarde is. Het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederland (SVn) bedenkt hier oplossingen voor.
‘Het nadeel van een gemeenschappelijke woonvorm is dat medebewoners soms minder (mee)helpen dan gewenst, maar dat er bij het welbekende keukentafelgesprek met de zorgaanbieder altijd op wordt gewezen dat je eerst bij je medebewoners voor hulp aan moet kloppen.’ Deze vrees voor afhankelijkheid speelt bij meerdere deelnemers. Er wordt geopperd dat dit concept de gewenste doorstroming van woningen juist belemmert. Ook wil men weten of deze dienstverlening gratis is. Voor eigenaar-bewoners is dat inderdaad het geval. De gemeenten betalen voor deze service, die hen ook geld oplevert, omdat mensen langer zelfstandig kunnen blijven wonen. ‘Is dit een strategie die in de stad Groningen ook zou kunnen werken? Hier zijn immers heel veel bovenwoningen.’ Erwin Schiphorst laat weten dat het soms beter is om te verhuizen.

Dit is een mooi bruggetje naar de tweede spreker, Andrea Tegel van Woonz. Zelf noemt zij het initiatief een Funda voor senioren-huurwoningen. Op Woonz.nl  kunnen allerlei zoekvragen worden gesteld die bv betrekking hebben op de zorg die je wenst. Maar er is ook informatie te vinden zoals de nabijheid van bv schilderscursussen. De site is bestemd voor zowel de sociale als liberale huur. Woonz vindt dat zorgorganisaties nog te weinig inspelen op de wensen van senioren, terwijl er via internet al goede mogelijkheden zijn om deze doelgroep te bereiken. Volgens een eigen onderzoek (getallen 2014) is inmiddels 80% van de 65-plussers regelmatig online en heeft 52 % een tablet. 65 % van de bezoekers wil in de eigen omgeving blijven wonen.

Na de tweede toelichting is er wat gemor.
‘Ik verwachtte een gesprek over de woonvisie van de gemeente en geen presentatie van een kant en klaar commercieel product!’
‘De woonvisie van de gemeente gaat toch verder dan een beugel of een woning zoeken op internet !?’
Klaas van den Berg, als vertegenwoordiger van de gemeente bij de sessie aanwezig, geeft aan dat ze vaak de klacht krijgen van bewoners dat zij de gewenste informatie over woonvormen nergens kunnen vinden. De presentaties van vandaag zijn volgens hem een voorbeeld hoe dat verbeterd kan worden.
‘Is er al bekend hoe groot het percentage van ‘geslaagde’ vinders is? Het zou interessant zijn te om te onderzoeken waar mensen naar op zoek zijn, waar nog niet aan tegemoet wordt gekomen.’ Van den Berg geeft aan dat daar aan wordt gewerkt.
Tijdens de discussie, als een aantal deelnemers een kijkje op de site neemt, blijkt dat er op dit moment slechts één woning in de stad te vinden is!
Andrea Tegel: ‘In de Randstad gaat het sneller met het opbouwen van de gegevens, aan de randen van NL, zoals in Groningen, gaat dat trager.’

In de zaal is ook een aanbieder van zorgflats aanwezig die graag een plekje op de site wil. Volgens een van de deelnemers is er onder Groninger babyboomers vooral behoefte aan een mengvorm van jong en oud, terwijl het aanbod op de site vooral gericht is op ouderen. Volgens Andrea Tegel van Woonz is het de bedoeling het aanbod te verbreden, maar tot nu toe worden slechts woningen van grote instellingen op de site geplaatst. Op termijn kunnen daar ook woningen van particulieren bij komen. Belangrijk is om een goed controlemiddel te ontwikkelen m.b.t. de kwaliteit van de aangeboden woningen.  ‘Een extra dilemma is het feit dat elke gemeente haar eigen woonpuntensysteem hanteert; er wordt nu gezocht naar een manier om dit in het zoeksysteem van de site te integreren’, aldus Tegel.

Er wordt geopperd dat er al voorbeelden bestaan van meergeneratiehuizen (binhoes.nl). Sander Holterman (ZIF) vertelt b.v. over een mooi initiatief in Arnhem waarbij studenten naast hulpbehoevenden in een verzorgingstehuis wonen. Zij krijgen korting op hun huurprijs in ruil voor ondersteuning van de hulpbehoevende bewoners. Tijdens Let’s Gro bleek dat er bij 55-plussers, die nu buiten de stad wonen,  behoefte is om naar de te stad te verhuizen. ‘Zou het ontsluiten van informatie over nieuwe woonvormen geen mooie opgave voor de gemeente zijn?’

Eén van de deelnemers woont in de Zeeheldenbuurt en zou daar graag blijven wonen. Maar hij ziet ouderen juist wegtrekken. ‘Is daar niets aan te doen?’
‘In Groningen hebben we de site Woningnet. Kan deze ook gekoppeld worden aan Woonz.nl?’ Dat kan gewoon, met een link.
Een andere deelnemer vraagt: ‘Oud worden in de Schildersbuurt, hoe doen we dat? Alle woningen staan in de verkeerde buurt, hoe zorgen we dat mensen hun buurt niet uit hoeven?’ Erwin Schiphorst antwoordt: ‘Tot nu toe is er vanuit een breder perspectief naar gekeken, nu is het moment om samen met de gemeente per wijk in te zoomen.’

 

 

DSCN4639

Bram breekt in: Goede Buren

Nu de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (VINEX) tot een einde is gekomen en de laatste vinex-wijken zijn gebouwd, lijkt er niet alleen een einde te zijn gekomen aan een tijdperk maar ook aan een ideologie. Het massale uitrollen van complete wijken is niet alleen economisch moeilijk te realiseren, ook het achterliggende gedachtegoed is niet meer van deze tijd.

Cultuuromslag
Goedkope betaalbare woningen voor het gezin als hoeksteen van de samenleving hebben lange tijd een doel gediend, maar zo halverwege de jaren tien van deze eeuw zijn de woonwensen sterk veranderd. Dat heeft te maken met het feit dat er lang wordt gewacht met het stichten van een gezin en dat bijvoorbeeld het bezit van een auto allang geen vanzelfsprekendheid meer is.

De bouw moet  kleinschaliger omdat het geld op is en het moet duurzamer omdat we onze eigen verantwoordelijkheid moeten nemen. Wat dat betreft biedt de crisis juist allerlei nieuwe mogelijkheden en kan er een gevarieerder idee van woningbouw ontstaan met veel ruimte voor particulier initiatief.

Ontwikkelen, bouwen en een gemeenschap creëren. Het is niet gemakkelijk, maar er zijn steeds meer mensen die het willen. Ik praat erover met Yvonne Geerdink (53) die momenteel met vrienden een project realiseert aan de Oosterkade. Ze staat op het punt naar Tanzania te vertrekken om daar te kijken hoe het ervoor staat met de bouw van een verpleeghuis dat ze samen met anderen ondersteunt. Yvonne is gestopt met haar vaste baan en werkt nu als freelancer. Ze is nog nooit zo druk geweest.

Heft in eigen handen
‘Waar kwam het idee vandaan om zelf voor projectontwikkelaar te spelen?’ Yvonne: ‘We dachten met een groepje vrienden dat het leuk zou zijn om bij elkaar in de buurt te wonen en een aantal collectieve ruimtes te realiseren. Goede buren heb je nodig, dus die kun je dan maar beter zelf uitkiezen. We kunnen dan gezamenlijk problemen te lijf gaan. Mocht zorg aan de orde komen, dan zullen we die ook gezamenlijk gaan organiseren.’

De logeerkamer wordt door de ‘De Buren’ al gekscherend aangeduid als de verpleegkamer. Daar zou eventueel een ‘care-taker’ kunnen inwonen, als er behoefte komt aan verzorging. ‘In de tussentijd zou die logeerkamer ook nog dienst kunnen doen als naai-atelier. We laten dat open en het mooie is dat iedereen het vertrouwen heeft dat het goed komt.’ Het hele ontwikkelproces doet de groep zelf. Daarnaast worden ideeën over de woning uitgewisseld en wordt er nagedacht over welke dingen er zelf gedaan kunnen worden en wat door de aannemers moet worden gedaan. Het sanitair gaan ze bijvoorbeeld zelf doen. ‘We speuren internet af naar een partij wc-potten en zetten die er zelf in. Dat kun je weer van de begroting afstrepen.’

Procesbegeleiding
Yvonne vertelt dat veel mensen dromen van wat vereniging De Buren aan het doen is, maar dat niet iedereen het voor elkaar krijgt. ‘Het belangrijkste bij zo’n gezamenlijk project is vertrouwen. Je moet onafhankelijk genoeg zijn om je afhankelijk op te stellen.’ Ze bedoelt daarmee te zeggen dat je geen moeite moet hebben om bepaalde ruimtes met elkaar te delen. ’We hebben een wasruimte met twee wasmachines en twee drogers. Er komt een werkplaats en een sauna, een bibliotheek en een dakterras. Dat zijn de gezamenlijke ruimtes. Op die manier kunnen de zes appartementen relatief klein gehouden worden.’

Van Yvonne begrijp ik dat de leden van de woongroep heel wat nuttige kwaliteiten in huis hebben. Zij is zelf bouwkundige en andragoog. Ze begeleidt het proces van wat zij noemt ‘samen denken en dromen’. Er is een architect-bouwkundige in het clubje die de projectleiding van het bouwproject doet. Een bouwfysicus heeft zich als installatie-adviseur opgeworpen. ’Ja, en dan hebben we nog een wetenschapsfilosoof in huis en een aantal artsen, een fysiotherapeut, een verpleegkundige en een econoom. Met allemaal een behoorlijke hoeveelheid werk- en levenservaring.’

Als het gebouw er is, dan kan veel vanuit het huis zelf gemaakt worden. In de groep zijn genoeg klussers om in de werkplaats dingen te kunnen maken en repareren. ‘Zelf aan de slag gaan met je woonbehoefte is een uitvloeisel van de participatiesamenleving te noemen. De maatschappelijke trend is dat je voor jezelf moet kunnen zorgen. Nu en op termijn.’

Yvonne denkt dat er veel meer van dit soort gezamenlijke projecten opgestart zullen worden. ‘Vermoedelijk zullen er nieuwe organisaties komen die niet alleen woonwensen kunnen realiseren, maar deze ook kunnen begeleiden in het sociale proces. Uiteindelijk is de vraag, “hoe ga je samenleven?”, heel belangrijk.’

Na anderhalf uur praten nemen we afscheid. Yvonne moet haar koffer nog pakken voor Tanzania en ik rij naar de Oosterkade om een foto te maken van de bouwplaats. Onwillekeurig kijk ik om me heen en speur naar een droomlocatie waar ik zelf een gebouw neer zou willen zetten.  Zelf bouwen is een aanstekelijke gedachte.

Door Bram Esser

In opdracht van Platform GRAS en de gemeente Groningen gaat filosoof en publicist Bram Esser op zoek naar visies, plannen, ervaringen en meningen over het wonen in de stad Groningen. Hij speurt, bezoekt, vraagt en interviewt.

Meer lezen:
http://tegenlicht.vpro.nl/afleveringen/2013-2014/bouw-t-zelf.html
http://www.kuub.info/
http://www.verkeerdgeleverd.nl/

Column: Ook senioren hebben woonwensen

Graag hadden wij in dit stuk twee tests afgenomen. Eén met vragen voor aanbieders van seniorenwoningen, één met vragen voor zoekende senioren. Gewoon, om u te laten inzien dat beide groepen evenveel vragen hebben. Maar om u tijd te besparen, geef ik u hierbij de uitslag:

Uitslag test zoekende senioren:

  1. Senioren starten hun zoektocht online
  2. Senioren vragen hun familie om hulp
  3. Senioren zijn vaak niet op de hoogte van de woonmogelijkheden, zelfs niet in hun eigen wijk
  4. Senioren komen in een ondoordringbaar oerwoud van aanbod terecht als zij gaan zoeken naar een nieuwe woning

Uitslag test aanbieders van senioren wonen:

  1. Senioren zoeken niet op internet maar gebruiken de (gratis) lokale krant om te zoeken
  2. Senioren kunnen hulp vragen bij de gemeente
  3. Senioren willen per se in hun eigen wijk blijven wonen en kennen daar alle woonmogelijkheden
  4. Senioren zien waarom ons aanbod onderscheidend is

De uitslag is bedoeld om u te prikkelen en na te laten denken over de status quo. Het is geen wetenschap, maar gewoon de dagelijkse werkelijkheid zoals ik die zie. Om u te laten inzien dat de black box eerst transparant gemaakt moet worden. En als u dan bedenkt dat er leegstand is in seniorenwoningen… en dat tegelijkertijd steeds meer senioren vragen om meer geschikte seniorenwoningen…

Dan realiseert u zich nu vast dat het tijd wordt om het aanbod op een uniforme manier te ontsluiten en inzichtelijk te maken! Zodat senioren zich kunnen oriënteren op de verschillende woonmogelijkheden. Vanaf dan kunnen woningaanbieders leren van dit zoekproces. Wat zijn de vragen en wensen? En, niet geheel onbelangrijk, kunnen senioren keuzes maken binnen de opties die er zijn? Want wonen is concessies doen. Maar dat doe je pas als je alle opties kent!

Annemiek Schut, Oprichter en directeur Woonz

Column: Een slimme oudere is op de toekomst voorbereid!

De gemeente Groningen is de ‘jongste’ grote gemeente van het land. De grote aantallen in de stad wonende studenten trekken de gemiddelde leeftijd van ons Stadjers flink omlaag. Maar met 200.000+ inwoners hebben we in absolute aantallen de meeste ouderen en kwetsbaren van Noord- Nederland binnen onze stadsgrenzen wonen. Het overgrote deel van deze groep woont zelfstandig in een eigen (corporatie) woning. Een relatief klein gedeelte woont ‘intramuraal’ in een verzorgings- of verpleegtehuis. Deze tehuizen zullen ook in de toekomst blijven bestaan. Echter alleen voor mensen die echt niet meer zelfstandig thuis kunnen wonen. En de rest van de ouderen dan? Nou, die moeten zelf zorgen voor een geschikte plek om te wonen.

We gaan eigenlijk weer terug naar de tijd van vóór de bejaardenoorden die vanaf de jaren 60 zijn gebouwd. Regie in eigen hand, je eigen (mantel)zorg organiseren en het zo lang mogelijk stellen zonder professionele zorg. Dat is waar we met de participatiemaatschappij naar toe gaan. Een verrijking of een verarming? Dat hangt waarschijnlijk af van individuele situaties. De ontmanteling van de verzorgingsstaat biedt ruimte aan initiatieven. Kleinschalige woon/zorgcomplexen, het wonen in hofjes met mede ‘oude-van-dagen’, mantelzorgwoningen en kangoeroewoningen zijn slechts enkele voorbeelden van manieren waarop we kunnen gaan wonen als alternatief voor de grote verzorgingstehuizen.

Tot de jaren 80 was het heel normaal om je rond je zestigste in te schrijven voor een verzorgingstehuis, om daar vanaf je 65ste terecht te kunnen in een (aanleun)woning. De meesten van ons moeten hier nu niet meer aan denken en we willen graag onze eigen regie behouden en zelfstandig blijven wonen. Dit gaat echter niet zomaar! Ouderdom komt met gebreken. Dus gaan we onze huizen aanpassen aan onze beperkingen, zodat we er prettig kunnen blijven wonen. U bent hier primair zelf verantwoordelijk voor, net als voor de inrichting van de babykamer. De gemeente wil u hierbij ondersteunen, door te informeren, te inspireren en te faciliteren. Denkt u met ons mee?

Erwin Schiphorst

Erwin Schiphorst werkt sinds 2012 bij het Zorg Innovatie Forum (ZIF) als adviseur Business Support. Vanuit deze functie legt hij een link tussen eindgebruikers van innovaties enerzijds en aanbieders van innovatieve producten en kennis anderzijds.

Stelling: woningen voor ouderen zijn niet meer van deze tijd

Groningen kent weliswaar voldoende woningen voor ouderen, maar veel van de voorraad is niet toekomstbestendig. Ze spelen niet in op een nieuwe generatie ouderen. Bovendien is de verdeling huur – koop niet meer van deze tijd en verdient de verdeling over de wijken aandacht. Ouderen van nu wonen graag elders. De gemeente heeft hier een taak. Maar welke? Wat zou de stad moeten doen?

Brasa-5063-kopie1

Inspiratie: Samen oud worden

In 2003 ontstond het plan voor een gemeenschappelijke woonvoorziening voor ouderen van Caraïbisch-Nederlandse afkomst. Drijvende kracht achter het plan was Iris Marselia die samen met een groep ouderen tot de conclusie kwam dat er veel behoefte was aan een dergelijke voorziening; een plek waar mensen met een vergelijkbare culturele achtergrond en leeftijd bij elkaar konden wonen. De ouderen zijn verenigd in de Vereniging Multiculturele Woonvorm Brasa.

Brasa vond een plek in Lewenborg, aan de Lijzijde 126, een flat die oorspronkelijk gebouwd was als wooncomplex voor jongeren. Het werd voor Brasa door woningcorporatie Nijestee gerenoveerd waarbij onder meer twee appartementen samen werden gevoegd tot een grote woonruimte. Hier worden geregeld gezamenlijke activiteiten georganiseerd. Verder heeft Brasa beschikking over 20 appartementen in het complex, bestaande uit een ruime woonkamer met open keuken en twee slaapkamers. De andere appartementen in het complex worden voornamelijk gehuurd door zelfstandig wonende senioren. Ook wonen er mensen met een verstandelijke beperking, begeleid door de NOVO. De appartementen van Brasa bevinden zich verspreid over de flat. De Brasa bewoners hebben een hechte band met elkaar, maar ook met de andere bewoners van Lijzijde 126. Alle woningen worden verhuurd en onderhouden door woningcorporatie Nijestee.

Bron: Wonen doe je Zelf
Foto: Stijntje de Olde