lr artist impr pure basic

Column: Home sweet home

‘Home sweet home’ is niet zomaar een kreet. Iedereen kent het prettige gevoel om thuis te komen en zich weer thuis te voelen. Daarin zit wel een nuance. Een huis staat op een plek in een omgeving, en juist die omgeving bepaalt of je je echt prettig voelt. Elk individu kan zijn of haar eigen plek vormgeven. Maar op de dynamiek in de omgeving heb je minder invloed. Dit betekent ook dat over de invulling van de omgeving goed moet worden nagedacht. Op de ene locatie versterkt alleen wonen de identiteit van de plek terwijl de woonfunctie in de binnenstad juist baat kan hebben bij de aanwezigheid van cultuur en onderwijsvoorzieningen. Door het hier van tevoren met elkaar over te hebben, ontstaat een beter beeld van de locaties en kan de consument ook bewust kiezen.

Wonen in de stad moet veel meer dan nu als een economische drager worden gezien. Elke nieuwe bewoner investeert, al is het maar via de dagelijkse boodschappen, en maakt gebruik van diensten en voorzieningen, waaronder ook de openbare ruimte. Ook zijn steeds meer woonconsumenten tevens zelfstandige ondernemers en hebben belang bij een omgeving die daarbij kan faciliteren.

Het huis wordt, niet alleen gedwongen door de verscherpte hypotheekeisen, als een investering gezien. Was het tot een paar jaar geleden nog zo dat het min of meer een automatisme was dat de woningprijzen zouden stijgen, nu is dat niet meer het geval. De consument is dan ook terecht kritisch over zijn woning en woonomgeving. Als gebieds- en vastgoedontwikkelaar snappen we dat, en voordat we tot planontwikkeling overgaan betrekken we actief burgers en consumenten bij het ontwikkelen van leefomgevingen.

Wonen in de stad Groningen is vaak wonen in een dynamische omgeving. De uitdaging is om de kwaliteiten van de stad te combineren met het kwaliteit van leven. Daarbij gaat het niet om meer woningen, het gaat juist om betere woningen die toekomstbestendig zijn. De consument vraagt om kwaliteit en flexibiliteit. De flexibiliteit zit hem in de mogelijkheden om je eigen woning te maken, maar impliceert ook bewegingsruimte, zowel intern als extern. Werken op de laptop in de keuken is net zo gewoon als een eettafel als bureau gebruiken. Van monofunctioneel als multifunctioneel. Het is niet voor niets dat Ikea en VT-wonen zeer succesvol zijn en inspelen op de marktontwikkelingen. Weten wat de klant wil en hiernaar luisteren is dan ook een belangrijke voorwaarde voor een succesvolle woningbouwontwikkeling. De uitdaging bestaat er dan uit om van je klant ambassadeurs te maken.

De consument is op zoek naar balans, niet alleen in zijn/haar leven, maar ook voor zijn/haar woonplek. Je écht thuis voelen. De uitdaging is om een ontspannen sfeer te creëren, zowel in de woning als in de openbare ruimte. Waar Groningen voor staat is om hierin een weg te vinden, waarbij de geschiedenis van een plek in combinatie met de toekomstige functies en nieuwe woontrends een uitdaging vormen.

Zoals de deurmat voor de voordeur en het wonen in de stad moet zijn.

Welkom!

Door: André la Rivière, projectontwikkelaar AM BV

7 gedachten over “Column: Home sweet home

  1. Uw column raakt een gevoelige snaar. Ik kan niet anders dan eens zijn: “HOME SWEET HOME”, je woning is een investering, voor sommige mensen zeker deels in een economische zin, maar uiteindelijk voor velen vooral ook in een emotionele zin. Je woning en woonomgeving is daar waar je mentaal en fysiek van je woning geniet, en ‘thuiskomt’, je investeert er in om je eigen plek te maken in een straat, buurtje of wijk en daar prettig te wonen. Als je investeert, als huurder of als koper, en je leeft prettig, dan is er ook geen onmiddellijke noodzaak weer door te verhuizen? Zo omschrijft u het ook, althans zo lijkt het..?

    Nu kan ik uw bedrijf helaas niet vinden op internet, dus ik weet niet precies wat u ontwikkelt aan huisvesting in Groningen Stad als private ontwikkelaar, voor de huur of voor de verkoop, het klinkt in ieder geval mooi wat u omschrijft. Bij deze houd ik de lezers hier echter graag ook een wat andere kant in de huidige ‘private ontwikkelmedaille’ voor. Een markt die momenteel met groot enthousiasme ‘nieuwe (met name jonge) consumenten’ van ‘flexibele’ private huisvesting bedient, soms van redelijk goede nieuwe kwaliteit, vaak ook veel minder, met nog steeds fors dure hele kleine woningen, midden in de ‘dynamische’ wijken. Eén duidelijk probleem is dat deze ontwikkelingen vrij respectloos worden uitgevoerd met betrekking tot de bestaande “home sweet homes”, zonder enig gezamenlijk overleg van private ontwikkelaars met omwonenden, of een visie voor de wijk.

    Inderdaad, de ontwikkeling van nieuwe huisvesting in schilwijken is in sommige gevallen gewoon vooral nogal uit balans momenteel, en zet een hoop kwaad bloed?! Waar ziet u ruimte voor het soort ontwikkelingen dat u omschrijft? Met welke doelgroepen? En hoe dan precies?

    In de populaire, ‘dynamische’ schilwijken hebben we nu met name te maken met private ontwikkeling van nieuwe panden die uit de grond worden gestampt op krappe stukjes grond, en zonder enig echt respect voor de bestaande, karakteristieke “home sweet homes” in wijken – zo ervaren wij als bewoners op nogal ruwe wijze aan den lijve. Private ontwikkelaars zijn daarbij vooral gericht op de nieuwe ‘consumenten’ die voor hun geld in het laadje zullen brengen. Dat deze mensen fijn moeten wonen, daar wordt (soms redelijk) over nagedacht, maar dat ‘home sweet home” ook wat betekent of betekende voor mensen die niet “consument” zijn van de betreffende nieuwe ontwikkeling, en naast de nieuwe ontwikkeling wonen, dat blijkt soms moeilijk…

    Ik deel hierbij graag een aantal parels in de huidige private ontwikkeling, in de ‘dynamische’ wijken, waarover onder de omwonenden, met hun (voormalig) “home sweet homes” en financiele en emotionele investeringen daarin, in de oude straten, tuinen, of buurtjes, veel boosheid bestaat. In veel gevallen kan men twijfelen aan de kwaliteit die het oplevert voor alle betrokkenen..?

    https://verzettegendeflat.wordpress.com/2014/11/29/een-tuin-daar-past-geen-toren-in/
    https://verzettegendeflat.wordpress.com/2015/02/24/in-beeld-padangstraat-en-kerklaan-11-en-13/
    https://verzettegendeflat.wordpress.com/2014/11/21/in-beeld-de-balistraat-flat/
    https://verzettegendeflat.wordpress.com/2015/03/18/in-beeld-hortusflats-noorderbinnensingel-nw-boteringe/
    https://verzettegendeflat.wordpress.com/2014/11/28/een-monster-in-je-achtertuin/

    Nogmaals, ik weet niet precies wat voor een soort huisvesting u ontwikkelt, of waar u op doelt. Maar tegelijkertijd zitten we hier met een Groningse realiteit. in de Stadswijken…? En die staat momenteel ver af van de uitdaging die u schetst..? Hoe streef je voor iedereen “home sweet homes” na, en zorg je ervoor dat nieuwe ontwikkelingen echt wat toevoegen, en niet ook vooral een hoop dingen afbreken waardoor gewone bewoners, of door de Stad, aan is gewerkt?

  2. Vanmorgen las ik in het DVHN dat de stad rondom koningsdag een feest van drie dagen gaat bouwen. Daarna volgt een 10-daagse kermis. Wij wonen aan de Vismarkt en het valt ons op dat de massale feesten in het stadscentrum schrikbarend toenemen, altijd gepaard gaande met keiharde muziek. U kunt zich niet voorstellen wat voor overlast dit meebrengt voor de bewoners. Dag en nacht hels lawaai, onvoorstelbare rotzooi in de vorm van poep, pies, kots, peuken, papier, flessen, blikken en ander afval,die we zelf moeten opruimen.(Onze ingang is een gangetje in de Stoeldraaierstraat). Ook wordt onze voordeur regelmatig bijna ontoegankelijk door de enorme ophoping van fietsen. Wij zijn nu van plan om een hek te plaatsen om ons hiertegen te beschermen. Kosten minimaal E5000,-.
    Zo langzamerhand dringt het besef tot ons door dat u er van uitgaat dat het centrum niet langer een plek is om te wonen. Het wordt een plek voor feesten, dag en nacht winkelen, dag en nacht herrie en rotzooi.
    Een onbewoonde binnenstad wordt een spookstad.
    Tinka Verschoor

    1. Geen feest

      De bewoners in de Oosterparkwijk hebben overlast van het geluid van de feesten in de binnenstad.

      Het wonen is voor vele stadjers geen feest. Dit komt door allerlei overlast in de stad Groningen.

  3. Projecten

    Pieter Bregman van Nijestee heeft op deze website de column ‘Het lijkt de DDR wel!’ geplaatst. Hij wil dat de stadjers makkelijker kunnen verhuizen.

    Wat zou projectontwikkelaar André la Rivière bouwen om meer verhuizingen in de stad Groningen te krijgen?

  4. Tiny house

    Ik vind de tiny house movement interessant. Een tiny house is wellicht interessant voor de kopers en voor de huurders. Vele stadjers willen, denk ik, graag veel minder uitgeven aan de woonlasten.

    Ziet André la Rivière kansen voor tiny houses in de stad Groningen?

  5. Balans

    De moderne woonconsument is, volgens deze column, op zoek naar balans.

    In de stad Groningen wonen financieel minder draagkrachtige huishoudens en financieel meer draagkrachtige huishoudens. De financieel meer draagkrachtige huishoudens kopen de betaalbare en de aantrekkelijke sociale huurwoningen.

    De financieel meer draagkrachtige huishoudens bezitten vaker een auto. De sociale huurwijk is vaak niet bestand tegen meer auto’s. De overheid draait op voor de kosten van het maken van meer parkeerplaatsen.

  6. Economische drager

    De moderne woonconsument is, volgens deze column, een economische drager.

    In de stad Groningen wonen financieel minder draagkrachtige huishoudens en financieel meer draagkrachtige huishoudens. De financieel meer draagkrachtige huishoudens bezitten vaker een auto. Zij doen de dagelijkse boodschappen dikwijls met de auto en buiten de eigen woonwijk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.