IMG_0956

“Ik heb niks tegen op studenten maar de balans is verstoord”

Een groep van betrokken en actieve bewoners uit wijken als de Schildersbuurt, de Zeeheldenbuurt, de Rivierenbuurt, de Korreweg en de Binnenstad gingen op woensdag 3 maart in de sessie in overleg met beleidsmakers en juridisch experts van de gemeente. Het gesprek ging in aanvang vooral over wat er wel en niet onder de Woonvisie kan vallen en welke mogelijkheden de gemeente überhaupt heeft om te sturen en in te grijpen. Ook regelgeving vanuit de Rijksoverheid die raakvlak met de Jongerenhuisvesting, zoals het Bouwbesluit, kwamen aan bod. Al snel werd duidelijk dat veel bewoners behoefte hebben aan (meer) uitleg over inhoud en procedures rond de bestaande regelgeving. Het liefst zouden ze nog een stap verder gaan: bewoners hebben behoefte aan meer ‘voorspelbaarheid’. Waar komen nieuwe locaties voor jongerenhuisvesting? Waar mag wat, waar kan wat en waar is de kans groot dat dit ook gaat gebeuren?

Naast de ‘wetten en regels’ werd het minder toetsbare aspect van leefbaarheid benoemd. Dat studenten vaak maar vrij kort in een wijk wonen, maakt het leggen van contact niet makkelijk. Leefbaarheid in een wijk heeft volgens de bewoners ook te maken met diversiteit. Op het moment dat er in een straat heel veel studenten zitten, wordt het al gauw té gezellig. De optie van een campus of een meer gerichte huisvesting op vaste locaties werd daarom ook genoemd. Hiervoor liggen plannen klaar, bijvoorbeeld als uitvloeisel van  BouwJong. Deze plannen komen op dit moment echter nog niet echt van de grond. Dit als gevolg van de positie waar veel woningcorporaties momenteel in verkeren. Wat BouwJong wel teweeg heeft gebracht is dat zelfs ‘huisjesmelkers’ zich tegenwoordig meer aan het huurpuntensysteem houden. Daarmee is een eerste kwaliteitsstap gezet.

Kan de gemeente dan niet sturen door meer kwaliteit en ook grotere kamers te eisen? Met grotere kamers heb je immers ook automatisch minder bewoners en dus een aangenamere dichtheid. Stel dan dat je dit combineert met strengere regels (15 % onttrekkingsnorm en vergunningsplicht vanaf 3 kamers).  En stel dat je als leefbaarheidstoets kijkt of een wijk een afspiegeling van de leeftijdsverdeling van de bevolking van de stad is? Een andere mogelijkheid is het beoordelen op straatniveau. Sommige straten lenen zich prima voor een grotere hoeveelheid jonge bewoners terwijl in andere straten meer jongeren zorgen voor kwaliteitsverlies en aantasting van het woonklimaat.

En in hoeverre kun je überhaupt met nieuw beleid de huidige ‘jongerenwijken’ ontlasten?  Wellicht dat daarvoor een mix van regels, een proactieve gemeente als het om handhaving gaat en bewoners die in goed persoonlijk contact met elkaar staan kansrijk is.

Verslag werksessie beleid jongerenhuisvesting met bewoners dd. 3 maart 2015

7 gedachten over ““Ik heb niks tegen op studenten maar de balans is verstoord”

  1. Er zijn nogal wat slapende en slecht functionerende VvE’s in deze stad. Van wat ik begrijp kun je binnen een Vereniging van Eigenaren ongelooflijk veel afspreken over onderhoud, mogelijkheden en randvoorwaarden voor kamerverhuur, gemeenschappelijke ruimte etc. etc. Allemaal zaken die een positief effect op de leefbaarheid hebben. Goed voor de bewoners, goed voor de buurt en goed voor de gemeente. Zou het een idee zijn als de gemeente (misschien i.s.m. KvK en andere partijen) een actieve rol gaat spelen in het rechtstreeks benaderen van woningeigenaren om deze VvE’s te “wekken”? Daarmee bedoel ik dus niet direct zaken afdwingen maar meer de bewoners op weg helpen en goed voorlichten zodat ze zelf ook de voordelen en mogelijkheden zien.
    Ik plaats deze reactie onder jongerenhuisvesting omdat gedurende het symposium tijdens dat thema het vraagstuk van de VVE’s ter sprake kwam. Maar het is natuurlijk breder.

  2. Zolang je het aan de markt overlaat, kun je inderdaad niet veel, en die 15% norm is niet handhaafbaar en slechts een doekje voor het bloeden.

    Hoe en wat dan wel? Door fors te investeren in de bouw en ontwikkeling van betaalbare woonunits voor studerenden die op prijs en kwaliteit gewoon de vastgoedmakelaars en huizenmelkers beconcurreert, en door voldoende WEL handhaafbare normen voldoende streng te controleren. Bijv. rem op bijgebouwen en volbouwen binnenterreinen, en/of beperken onttrekkingsvergunningen.

    Geen enkele bewoner beklaagd zich over het aantal studenten, het gaat in werkelijkheid altijd om objectieve vormen van overlast. Overlast door overtreding geluidsnormen, achterstallig onderhoud, en weinig beheer woonomgeving. En daarnaast natuurlijk de veel te dure kamerhuurprijzen.

    Als je voor de prijs van kamerhuren zelfstandige energiezuinige woon-units kunt beheren die kostendekkend kunnen worden geëxploiteerd door corporaties, dan prijs je de kamerverhuurders snel uit de markt.

    1. Klinkt mij aanlokkelijk in de oren. Er zal een forse inspanning nodig zijn om effect te hebben. Ik mis net zoals veel bewoners van oudere stadswijken sturing en visie bij beleidsmakers en ook de ondersteuning en gevoel van verantwoordelijkheid bij RUG en Hogescholen. Er zal altijd een zekere spanning blijven maar we hebben elkaar nodig! Wat we niet nodig hebben zijn huisjesmelkers / bedrijven die alleen voor hun financiële belangen gaan, zonder oog voor buren en buurten. Kunnen we wat leren van hoe het er aan toe gaat in andere universiteitssteden?

      1. Dag Roel (en Rob),

        Dank voor jullie bijdragen. Nieuwbouw van zelfstandige wooneenheden voor jongeren is inderdaad een oplossingsrichting waar we al een paar jaar aan werken onder de noemer Bouwjong / Campus Groningen. Doordat de corporaties minder te besteden hebben is een aantal projecten vooralsnog niet doorgegaan, maar er wordt aan gewerkt om het wel voor elkaar te krijgen. Maar er zij ook projecten wel gerealiseerd, zowel door corporaties als private partijen (aan de Zonnelaan, Hofstede de Grootkade, Damsport, Bodenterrein, en meer). Deze nieuwbouw is bedoeld als alternatief voor de kamerverhuurmarkt. Dat werkt, maar tegelijkertijd zien we dat de populaire wijken voor jongeren altijd populair zullen blijven.

        Wat betreft het kamerverhuurbeleid kijken we daarom naar alternatieven voor het huidige systeem en daarbij nemen we ook ervaringen van andere steden zoals Utrecht mee.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.